Maandag 1 maart 2010

Facteur

Facteur Ik zag de facteur van Nonkel Bob. En hoorde hoe deze dienaar van de staat met gebroken doch trotse stem zei dat hij meer dan veertig jaar lang trouw de post bij de heer Davidse had bezorgd. Als ze ijveren voor meer blauw op straat, bedoelen ze altijd maar meer politie. Dat is een misverstand.

Meer...

Vrijdag 26 februari 2010

Twijfel

Twijfel Het is weer zover. De obligate waarschuwingen worden aan de hand van een geluidsopname de concertzaal in gestuurd. Verboden foto's te nemen. Verboden te kuchen. Verplichte uitschakeling van uw gsm's.

Meer...

Woensdag 24 februari 2010

Boerka

Boerka Ze hebben het over de Britse premier Brown die, in de aanloop naar de verkiezingen, met een charmeoffensief uitpakt, en voor het verleiden van de afgehaakte bevolking zijn echtgenote Sarah inzet. Ze zeggen dat Sarah beter aan het gelijknamige tv-programma had meegedaan.

Meer...

Maandag 22 februari 2010

Bruggen

Bruggen Het krat waaraan ik niet voorbij kan wandelen zonder erin te snuffelen, staat bij het huisvuil van het Leger des Heils; het enige leger dat pas spullen afdankt als ze echt aan geen straatstenen meer te slijten zijn. Dat blijkt ook nu het geval: de stapel oud papier die zich tegen de gevel ophoopt, bestaat voornamelijk uit onsamenhangende vellen. Goed voor wat warmte uit de open haard.

Meer...

Vrijdag 19 februari 2010

Zuigvlek

Zuigvlek Hij heeft een aarzelende baardgroei. Dat is aandoenlijk. Zijn puistjes aarzelen minder. Ze zijn ook minder aandoenlijk. Vorige week is hij zestien geworden. Vermoedelijk bestaat er een oorzakelijk verband tussen voorgaande gegevens en het volgende feit: sinds gisteren gloeit in zijn hals zijn allereerste zuigvlek. Een prachtig exemplaar. Zo groot en zo paars dat ze, mocht ze niet door lippen zijn gevormd, zonder meer zorgwekkend zou zijn. Hij draagt de zuigvlek zoals een topatleet zijn medaille. Trots. Glunderend. Vanuit het besef dat hij een geprivilegieerd persoon is; een kerel die de initiatie in de wereld der natuurlijke, menselijke driften met glans heeft doorstaan.

Meer...

Woensdag 17 februari 2010

Chocopasta

Chocopasta Hij is die ochtend met de trein vertrokken. Dat vonden ze een veiliger idee. Dat hij zich, op zijn dagelijkse pendeltocht richting Brussel, niet op die levensgevaarlijke ijzelplekken zou wagen. En de trein gaat sneller dan urenlang in de file staan, zelfs als de verbinding vertraging heeft; ook dat hadden ze tegen elkaar gezegd.

Meer...

Maandag 15 februari 2010

Sokken

Bevlekt Over sokken praten zij. Zij: een groepje vrouwen dat bij de broodjeszaak staat aan te schuiven. Of iemand kan begrijpen hoe sokken erin slagen om, wasbeurt na wasbeurt, verloren te gaan? Want dat er geen week voorbijgaat zonder dat hun collectie nieuwe vrijgezellen vertoont. Dat ze thuis een hele mand met verloren exemplaren bezitten; dat al die verloren exemplaren op elkaar lijken, maar dat ze allemaal ook nét iets te verschillend zijn om een paar te vormen.

Meer...

Vrijdag 12 februari 2010

Bevlekt

Bevlekt Gisteren dacht ik: dit land, een grote vlek chagrijn. Met geen hardnekkige zeep weg te krijgen. Kun je nog schrobben tot je knokkels openliggen, kun je schuren tot je handen nog roder en brozer zien dan na een fietsrit door de kou, zonder handschoenen aan: het gezeur heeft zich een weg in onze genen gevreten.

Meer...

Woensdag 10 februari 2010

Mensen

Mensen In het metrostel waarin ik me verplaats, zit de doorsnede van de maatschappij. Dit voertuig, dat als een slang door de onderaardse gangen van de grootstad sist, is de hedendaagse Ark van Noah: van alles is één exemplaar aanwezig.

Meer...

Maandag 8 februari 2010

Filosoof

Filosoof Het jongetje is tot in het midden van de lange tafel gekropen. Daar heeft het zich languit naast de vaas geposteerd; zijn ellebogen steunend op het tafelblad, zijn hoofdje rustend in zijn opengevouwen handpalmen. Hij heeft zijn pyjama al aan. Lichtblauw flanel vol gele zeilbootjes.

Meer...

Vrijdag 5 februari 2010

Smulpapen

Smulpapen De mannen zijn met vier maar hebben de omvang van acht. Ze kennen elkaar van zien, maar vooral van eten. In het midden van hun tafel geuren, dampen, verleiden verscheidene gerechten. Pikante lamslapjes. Gestoomde zeebaars. Sint-jakobsvruchten op verschillende wijzen bereid. Gelakte eend. Gewokte inktvis. En dies lekkers meer.

Meer...

Woensdag 3 februari 2010

Nummers

Nummers Bij de ingang van het postkantoor staat zo'n automaat die volgnummers spuugt, die in de volksmond 'antivoorkruipmachine' heet maar door het postpersoneel een controleorgaan wordt genoemd: dankzij of door deze ticketautomaat weten de bazen aan het eind van de dag perfect hoeveel klanten aan elk loket werden geholpen en hoeveel tijd elke dienstverlening in beslag nam.

Meer...

Maandag 1 februari 2010

Liefdadigheid

Liefdadigheid Sinds enkele jaren is deze Guatemalteekse vrouw met een Belg getrouwd, en sinds die trouwdag beschikt ze over haar officiële papieren. Vandaag volgt ze taallessen aan het Huis van het Nederlands. Ze vindt het prettig dat ze naar school kan gaan, en in het gesproken Nederlands slaat ze zich behoorlijk uit de slag.

Meer...

Woensdag 29 januari 2010

Gedichtendag

Gedichtendag Hij zit aan de houten tafel van het café. Voor hem staat een pint. Naast hem ligt een stapeltje boeken. Aan zijn voeten dommelt een hond. De man streelt zijn boeken. Even vaak glijdt zijn hand onder tafel en aait hij het dier.

Meer...

Maandag 27 januari 2010

Fitness

Fitness Dan ga je ten langen leste toch naar een fitnesscentrum. Dan schrijf je je in en kies je bewust voor dat ene centrum waarvan je denkt: daar komt nooit iemand die mij kent.

Meer...

Woensdag 20 januari 2010

Plunderingen

Plunderingen Soms zie je op een enkele dag verbanden waar je ze nooit had vermoed. Eerst is er de menigte op het autosalon. Hoe die zich van het ene paleis naar het andere begeeft. Gulzig kijkend naar het blinkende metaal, het aantrekkelijke vlees en de glanzende brochures. De bezoekers grabbelen naar alles wat er te grabbelen valt. Ballonnen. Balpennen. Folders. Sleutelhangers. Pepermuntjes.

Meer...

Maandag 18 januari 2010

Vrouwen van veertig

Vrouwen van veertig We wachtten op de bank van de afhaalchinees. Zij bestelden nummer 31 en 38. Ik ging voor nummer 67, tijgergarnalen met zwarte peper. Daar zaten we; drie op een rij. De twee jongens die vlak na mij waren binnengekomen, en ik.

Meer...

Vrijdag 15 januari 2010

Zee

Zee Hij loopt met zijn hond op het verlaten strand. De middelgrote hond, het ras is me onbekend, rent euforisch voor hem uit en scheert rakelings langs de vloedlijn. Zowel sneeuw als zand stuift. Nu en dan wacht het dier. Het kijkt naar zijn baasje dat met stevige tred komt aanwandelen, steekt zijn snuit bedenkelijk in de lucht, en rent verder, en weer terug. Snuffelend aan zijn eigen sporen.

Meer...

Woensdag 13 januari 2010

Poëzie

Poëzie De drie koters zitten vastgesnoerd in hun stoeltjes, hun gezichtjes piepen juist boven het autoraam uit. Dat is een meevaller, de eerste drie kilometer kijken ze nieuwsgierig en zelfs zwijgzaam naar buiten. Maar na drie kilometer begint het liedje dat ik vroeger ook zo vaak gezongen heb: is het nog ver?

Meer...

Maandag 11 januari 2010

Teruggetrokken

Teruggetrokken De buurman behoort tot het teruggetrokken type. Het is opvallend. Iedereen die op een dag of nacht gruwelijke daden pleegt, krijgt het label 'teruggetrokken' opgeplakt. De Gelder. Van Themsche. Dutroux. Adam G. en Mariusz O.

Meer...

Vrijdag 8 januari 2010

B-H-V

B-H-V In het café waren enkele mannen over politiek aan het discussiëren; ze deden dat met luide stem, maar de inhoud van hun gesprek oversteeg het niveau van toogpraat niet. Alle politici waren profiteurs, net als alle Walen en migranten, en over welke groep ze ook spraken, nergens zat een enkele goede tussen. Toch raakten deze mannen niet uitgepraat.

Meer...

Woensdag 6 januari 2010

Blind

Blind Ik ken hen goed. Ze zijn drie jaar getrouwd; hun eerste kindje kan al stappen, het tweede is onderweg en zal tegen maart het daglicht zien. Beiden zijn prille en beloftevolle dertigers. Universitaire achtergrond; en bij hun huwelijk van de ouders nog een extra centje meegekregen. Ze vormen een mooi en jong stel dat overloopt van de plannen en ambities.

Meer...

Maandag 4 januari 2010

Sigaret

Sigaret Om de stroom goede voornemens die elke eerste januari overspoelt, te slim af te zijn, is hij al in november begonnen te stoppen met roken. Vandaag probeert hij nog steeds te stoppen. Hij is zoveel met stoppen bezig, dat hij alleen nog maar aan sigaretten denkt.

Meer...

Woensdag 30 december 2009

Grijs

Grijs Ze woont in een van de rusthuizen die de stad telt en waar altijd bewegingloze, grijze mensen achter de ramen zitten. Niet alleen hun haren lijken dof; ook hun gezichten en ogen. Deze vrouw is minder grauw dan haar huisgenoten.

Meer...

Woensdag 23 december 2009

Cadeau

Cadeau Als het menselijk gedrag van de afgelopen dagen wetenschappelijk zou worden onderzocht, is de kans groot dat 'de neerslag genaamd sneeuw' bewezen heeft dat hij ons tijdelijk van geestelijke benauwenis en vervroegde veroudering kan genezen. Sneeuw is, net als kunst en schoonheid in het algemeen, een medicijn tegen de nevelen in dit bestaan.

Meer...

Maandag 21 december 2009

Franciscus

Franciscus Hij doet het elke dag. Als hij van zijn werk komt, stapt hij met zijn boekentas naar het park en gaat op een bankje zitten. Hij ziet er een heel keurige man uit. Een betere ambtenaar van een beter ministerie.

Meer...

Vrijdag 18 december 2009

Noah

Noah Noah kan niet blijven zitten. Telkens zijn moeder hem weer op de stoel zet, glipt hij ervan af. De stoel is voor hem nog te groot om er in een keer af te glijden. Daarom draait hij zich eerst om, met het gezichtje naar de leuning. Zo, met de handen om de zitting geklemd, schuift hij voorzichtig naar beneden; tot zijn voetjes de grond raken en hij met glinsterende oogjes weer aan zijn volgende wandeling kan beginnen.

Meer...

Woensdag 16 december 2009

Y-xhromosoom

Y-chromosoom Zoals in de meeste hotels betrof het een gemengde sauna en was het dragen van zwemkledij verplicht. In het schemerdonker van de cabine ontwaarde ik nog vijf andere puffende schimmen. Toch sloot ik snel mijn ogen; het komt de totale ontspanning ten goede om de andere zwetende lijven niet de hele tijd te hoeven zien.

Meer...

Maandag 14 december 2009

Rastaman

Rastaman Hij zit in de drukke, voorlaatste trein die Brussel met Antwerpen verbindt. Hij zegt niets. En tegelijkertijd heel veel. Zijn vingers betasten behendig de snaren van een basgitaar. Hij speelt onhoorbaar.

Meer...

Vrijdag 11 december 2009

Kettingreactie

Kettingreactie Roel heeft zichzelf weer pijn gedaan. Telkens als hij zo overloopt van colère en frustratie, telkens als zijn vingers zo jeuken dat hij alles en iedereen in zijn buurt kort en klein wil slaan, bonkt hij met zijn hoofd tegen de muur; of hij klopt een fles kapot, en snijdt met de scherven in zijn armen. Door zijn tatoeages.

Meer...

Woensdag 9 december 2009

Snoeper

Snoeper U zou de amandeltaart die hier voor me staat, moeten kunnen proeven. Of alleen al kunnen zien. De portie is te groot voor een persoon. Maar ik ben niet bij de bakker. Ik zit op een stoel in de boomgaard van Mari.

Meer...

Maandag 7 december 2009

Herdenking

Herdenking De Kroatische havenstad Dubrovnik behoort tot de mooiste steden van de wereld. Werelderfgoedstad der erfgoedsteden. Al mag Praag nu protesteren. Aan de even schitterende als noodzakelijke erfgoedbescherming van Unesco is een nadeel verbonden: de hele wereld weet dat je de moeite bent om gezien te worden.

Meer...

Vrijdag 4 december 2009

Sinterklaas

Sinterklaas Omdat ik het jongetje vorig jaar al heb beloofd samen met hem naar de Sint te gaan, omdat ik me toen niet aan mijn belofte heb gehouden en omdat hij me een jaar lang aan mijn woordbreuk heeft helpen herinneren, zoeken we vandaag drummend een plaats vooraan in de rij.

Meer...

Woensdag 2 december 2009

Pijn

Pijn Ik stond aan het haperende slot van mijn fiets te morrelen, toen zij zwalkend over de stoep liep. Uit haar achterkant kon ik aflezen dat het met haar voorkant niet zo goed was gesteld.

Meer...

Maandag 30 november 2009

Muur

Muur Hij is een Vlaamse bouwvakker van vijftig, dat weet iedereen. Hij kan niet lezen en niet schrijven, dat weten een handvol mensen. Hij vermijdt drukke plekken, dat is algemeen bekend.

Meer...

Vrijdag 27 november 2009

Sterarchitecten

Sterarchitecten Ik stond stil zoals vele mensen stilstonden. We keken glimlachend naar de twee kartonnen dozen die over de dijk wandelden. Wij, voorbijgangers, vonden die wandelende dozen vreemd. Maar de dozen zelf deden alsof hun aanwezigheid de gewoonste zaak ter wereld was.

Meer...

Woensdag 25 november 2009

Vervoering

Vervoering De Iraanse taxichauffeur vertelt dat hij vanochtend weer een passagier heeft vervoerd die hem vroeg of er in Iran ook aardappelen gegeten worden, en die gelijk polste of hij hier in België genoeg verdient.

Meer...

Maandag 23 november 2009

Verwarmend

Verwarmend Het is haast niet te geloven, maar er bestaan mensen op wie dit miezerige, grijze herfstweer zowaar een gunstige invloed heeft. Mist en regen omfloersen de ziel van deze mensensoort niet, maar doen hun gemoed juist opklaren.

Meer...

Maandag 18 november 2009

Liegen

Liegen Ik had haar al een poos niet meer gezien, maar een keer per jaar verschijn ik op zo'n obligate receptie waarop je alle vliegen in een klap slaat. Het gros van kennissen die je op deze aangelegenheid tegen het lijf loopt, kom je voor de rest van het jaar niet meer tegen. Dat is maar goed ook.

Meer...

Vrijdag 13 november 2009

Drie golven

Drie golven AKO Literatuurprijswinnaar Erwin Mortier is boos. Weinigen kunnen zo virtuoos boos zijn als hij. De hartstochtelijke vorm van zijn klachten maakt hun inhoud er niet minder wrang en ernstig op. Integendeel.

Meer...

Woensdag 11 november 2009

Europazia

Europazia De rij in de Chinese ambassade was langer dan gewoonlijk, zei men aan de balie, en toen ik aandrong op enige uitleg voor deze uitzonderlijke drukte, zeiden ze dat die niets met China te maken had, maar alles met Mexico.

Meer...

Maandag 9 november 2009

Levensgroot

Levensgroot In de orde van de schattige, aardse wezens bevindt dit kleine meisje met de blonde krullen zich helemaal bovenaan. Met de blos op haar wangen en haar knalrode, door de wind gekloofde lipjes is ze, nog meer dan anders, om op te eten.

Meer...

Vrijdag 6 november 2009

Boekenbeurs

Boekenbeurs Het is al een geluk dat mijn uitgever dit jaar nieuwe signeertafels heeft geïnstalleerd. Die hebben niet de hoogte van een tafel, maar van een toog. Deze extra halve meter schept het voordeel dat het met de verhoudingen alvast beter is gesteld: bezoekers aan de boekenbeurs kijken niet langer letterlijk neer op het clubje schrijvers dat verstopt zit achter hun boeken. We bevinden ons al op schouderhoogte.

Meer...

Woensdag 4 november 2009

Kosjer

Kosjer Ik werd op de zesde verdieping van een pand achter het station verwacht. Daar was ik uitgenodigd bij goede vrienden. Ze hadden voor me gekookt. Dat doen ze wel vaker. Wat ze niet vaak doen, is meer niet-joodse vrienden uitnodigen. Ze hebben vooral vrienden binnen hun eigen geloof en gemeenschap. Net als wij.

Meer...

Maandag 2 november 2009

Allerzielen

De Morgen - Maandag 2 november 2009 Ze zeggen dat de dood een afscheid is. Ze zeggen dat elk afscheid de geboorte van een herinnering inluidt. Ze zeggen zoveel. En je mag niet alles geloven. Ik geloof niet in mensen die hun geliefde doden louter tot beelden uit het verleden reduceren. Mijn doden, en dan bedoel ik mijn geliefde doden, trekken geregeld aan de bel van mijn heden.

Meer...

Vrijdag 30 oktober 2009

Breekbaar

De Morgen - Vrijdag 30 oktober 2009 Ze staat op de rommelmarkt. Ze is verkoopster, maar ze verstopt zich achter de gebarsten porseleinen kruiken die op haar vouwtafel staan uitgestald. Verschanst staat ze achter houten klokken die er zo vermolmd uitzien dat het een wonder mag heten als in deze meubelstukken het tikken van de tijd niet ook aangevreten zou zijn.

Meer...

Woensdag 28 oktober 2009

Rantsoen

De Morgen - Woensdag 28 oktober 2009 In onze ontwikkelde wereld is het kind koning. Dat kon ik deze week nog eens van dichtbij meemaken. Het was een uur of acht 's avonds en ik zat in een restaurant. Aan de tafel naast mij bevonden zich een man en een vrouw, en ook een jongen van een jaar of tien. De man en vrouw zaten tegenover elkaar. Ze spraken over serieuze zaken. Als volwassenen onder elkaar. Af en toe lachte de vrouw, en daarna ook de man, en ik zag hoe, onder de tafel, ook hun benen verstrengelden.

Meer...

Maandag 26 oktober 2009

Macht

Ik zat samen met deze Vlaamse politicus op de internationale trein. Hij zag en kende mij niet. Ik zag hem wel. En ik her-kende hem. Politici ken je nooit. Het is de vraag of ze zichzelf kennen. Zoals het een politicus van enige maatschappelijke betekenis betaamt, draafden enkele mannen met aktetassen achter hem aan. De drukte rond zijn persoon gaf hem zichtbaar een goed gevoel.

Meer...

Vrijdag 23 oktober 2009

Gekraakt

De Morgen - Vrijdag 23 oktober 2009 De kinderen hebben walnoten geraapt, hun broekzakken puilen uit. Ze lijken er ontzettend blij mee. Blijer dan hun moeder. Die loopt voor hen uit en zegt dat ze moeten voortmaken, want dat ze niet alle tijd van de wereld heeft. Zonder haar pas in te houden, roept ze dat walnoten niet gemaakt zijn om als voetbal door het leven te gaan.

Meer...

Woensdag 21 oktober 2009

Indringer

De Morgen - Woensdag 21 oktober 2009 De fotograaf van het blad plaatste haar in de kamer met het beste licht en in de hoek met de ideale achtergrond en verzocht haar om zich zus en zo te keren. Het was veel te vroeg in de ochtend. Zo wilde zijn agenda dat. Niet de hare. Toch gehoorzaamde zij hem. De overtuiging dat het resultaat daarmee gediend zou zijn, hielp haar daarbij. Voor ijdelheid worden grotere offers gepleegd.

Meer...

Maandag 19 oktober 2009

Down

De Morgen - Maandag 19 oktober 2009 Ze noemen haar een mongooltje en zeggen dat ze achterlijk is. Sommigen zeggen ook dat Liesje aan een vorm van autisme lijdt. Dat vindt ze niet erg. Ze weet niet wat die termen betekenen. Ergens in haar te grote hoofdje vermoedt ze dat ze anders is dan de meeste kinderen. Maar waar die uniciteit precies aan ligt, is haar niet duidelijk. Het doet er ook niet toe. Ze heeft het zeer naar haar zin. Zolang ze maar met haar familie kan samenzijn. Zolang ze maar mag hoepelen, want dat kan ze heel goed en heel lang. En: zolang de bakkersvrouw haar niet in de steek laat.

Meer...

Vrijdag 16 oktober 2009

Kloof

De Morgen - Vrijdag 16 oktober 2009 De ene marktkramer snijdt flinterdunne plakjes ham van een verrukkelijke Iberische achterpoot, en laat voorbijgangers van zijn delicatesse proeven. De andere prijst zijn nieuwste aanwinst aan: verse marsepein, gemaakt van biologisch geteelde amandelen uit Portugal.

Meer...

Woensdag 14 oktober 2009

Toetsen

De Morgen - Woensdag 14 oktober 2009 Quincy Jones zegt over de muziek van Toots Thielemans: 'His music has the aroma of a black man who needs a shower.' Voor Toots is deze pregnante lichaamsgeur de meest exquise eretitel die hij zich kan toewensen. Exquiser dan zijn baronstitel.

Meer...

Maandag 12 oktober 2009

Pluimgewicht

De Morgen - Maandag 12 oktober 2009 Meestal liggen de redenen om niet te gaan voor het rapen. Moe van de lange dag. Nog werk te doen. Buiten regent het en is het koud. De sporttas en het racket pakken: daarin kruipt nog de meeste energie. Maar eenmaal in de kleedkamer wordt die moedige stap snel beloond. Bij het zien van andere moedigen der aarde begint het te tintelen. Bij het ruiken van hun toekomstige zweet valt vrijwel alle twijfel van de schouders. Solidariteit kan zin geven in competitiviteit. En omgekeerd.

Meer...

Vrijdag 9 oktober 2009

Huiswaarts

De Morgen - Vrijdag 9 oktober 2009 Alles paste niet in de koffer. Toch had ik op reis amper iets gekocht. Blijkbaar nemen vers gestreken kleren minder ruimte in beslag dan vuile was die weer huiswaarts moet. Welke hoeken en kanten van de koffer ik ook in beslag probeerde te nemen: ik bleef met een stapel spullen zitten die geen onderdak vonden. Omdat ik thuis al te veel koffers bezit, kocht ik tegenover het hotel snel een spotgoedkope, stevige plastic tas. Daarin propte ik alles wat ik elders niet kwijt kon.

Meer...

Woensdag 7 oktober 2009

Verscheurd

De Morgen - Woensdag 7 oktober 2009 Van wijlen uitgeefster Angèle Manteau is bekend dat ze boeken die meer dan driehonderd bladzijden telden, in verscheidene dunnere delen scheurde. In de lage boekenkast in haar serviceflat in Erembodegem lagen Saul Bellow en Marcel Proust zwaar verminkt naast elkaar. Het boek als object was niet aan de uitgeefster besteed. Voor Angèle moest een boek vooral goed in de hand en de schoot liggen. Omdat handen en schoot brozer werden met de jaren, werden de pillen die ze tot aan haar einde gretig las, gevierendeeld. En erger.

Meer...

Maandag 5 oktober 2009

Ldvd

De Morgen - Maandag 5 oktober 2009 Ze is een weduwe van negentig. Toen haar man stierf was ze piepjong. Zestig. Door de dood van haar echtgenoot werd haar leven, dat ze geheel ten dienste van hem had ingericht, nóg kleinschaliger. Nu was ze gans alleen. Omdat ze gans alleen was, maakte ze haar leven automatisch grootschaliger. Ze reisde naar andere landen en andere mannen. In geen enkel oord bleef ze langer dan een winter.

Meer...

Vrijdag 2 oktober 2009

Problematisch

De Morgen - Vrijdag 2 oktober 2009 De advertentie van het huurappartement stond nog maar juist online, of de jongeman had al naar de makelaar gebeld. Genetisch is dit familielid half Brit, half Belg. Omdat hij tot zijn twintigste in het Verenigd Koninkrijk heeft gewoond, en pas op zijn eenentwintigste meende dat België, naast Werchter en 2ManyDj's, misschien ook echt iets te bieden had, spreekt hij niet alleen Nederlands met een zwaar accent, maar transponeert hij de Engelse grammatica ook op onze taal. 'Ik doe willen zien jouw appartement.' De beleefdheidsvorm 'u' is voor hem een buitentalig wezen.

Meer...

Woensdag 30 september 2009

Ruggensteun

De Morgen - Woensdag 30 september 2009 Zodra het weer het toelaat, brengt zijn vader hem met de fiets naar school. Met zijn drie of vier jaar is hij te klein en te roekeloos om, zelfs onder begeleiding van zijn vader, op zijn eigen fietsje door de drukke straten van de stad te trappen. Bovendien laten de fietspaden het nog steeds afweten. Als er in deze stad al fietspaden bestaan, zijn ze niet altijd veilig. Op vele, vaak drukke wegen bestaan ze zelfs eenvoudig niet. Of ze houden halverwege zomaar op met te bestaan. Ik zie het duo vaak fietsen.

Meer...

Vrijdag 28 september 2009

Moeders

Hij is de oudste. Hij gaat als eerste voor het eerst op kot. Zijn ouders hebben er alle vertrouwen in. Ze helpen hem opgewekt en met gepaste trots verhuizen. Een koffer vol kleren. Een stapel beddengoed, waaronder een ergonomisch oorkussen; want wie studeert, kan niet goed genoeg slapen. Een degelijke, verstelbare bureaustoel en een sterke lamp. Wie studeert kan niet goed genoeg zitten, en heeft adequate verlichting nodig. Hij heeft een stapel boeken bij. Een computer en nogal wat daarbij behorende apparatuur.

Meer...

Vrijdag 25 september 2009

Vaderliefde

In het restaurant waren alle tafels bezet, en ook aan de sushibar viel geen lege kruk meer te bespeuren. Er heerste een aangename drukte in dit Japanse restaurant van Brussel. Het bruiste van het ongecompliceerde va-et-vient dat ook zo typisch is aan druk gefrequenteerde brasserieën in Parijs. Het draaide om het eten, en niets dan het eten. Onder de klanten bevonden zich ook vele Japanners; als voorbode van kwaliteit kon dat tellen.

Meer...

Woensdag 23 september 2009

Amsterdam

De Morgen - Woensdag 23 september 2009 Achter sommige ramen hebben al prostituees plaatsgenomen; de meesten met een uitheemse kleur. Ze hebben hun wulpse lijven in minuscule haltertopjes gehesen. Er is veel leer en latex. Zwart, rood, felroze. Er lonkt veel bloot, en alle vormen lijken rond. De gordijntjes van een aantal ramen zijn gesloten. Omdat in het peeskamertje een klant wordt bediend. Omdat de hoer van dienst nog niet is gearriveerd. Of om welke reden ook.

Meer...

Maandag 21 september 2009

Leven

De Morgen - Maandag 21 september 2009 Hij is een man van vijfenveertig die altijd een Zwitsers mes op zak heeft. Een vriend kan ik hem niet noemen. We zijn een paar keer aan dezelfde tafel beland. Aan die tafel stal hij graag de show. Dat deed hij met scherpe en veelzijdige verhalen. Hij vertelde met een dwingende stem en bezat een goed ontwikkeld gevoel voor dosering. Dat laatste niet wat de wijn betrof, wel met betrekking tot het opbouwen van spanning. Zodra hij aan het woord was, vergat iedereen verder te eten.

Meer...

Vrijdag 18 september 2009

Foutje

De Morgen - Vrijdag 18 september 2009 Omdat het meisje bang is van de man met de baard, verbergt het zich achter een kuit van haar moeder. Die draagt gelukkig een wijde broek: het kind spreidt de pijp, en weet zich achter die tent van katoen helemaal verstopt. De man loopt opgewekt op de moeder af. Het meisje gluurt langs de broekspijp en begint te trippelen en aan de broek te trekken. Alsof het dringend plassen moet. Of nog erger.

Meer...

Woensdag 16 september 2009

Kakkerlakken

De Morgen - Woensdag 16 september 2009 Meestal ziet zij er zelfs 's ochtends al fraai uit: ze behoort tot die tienermeisjes die zelden aan de cornflakes gaan, zonder eerst een lijntje rond hun ogen te hebben getrokken. Meestal praat ze op dit vroege uur ook honderduit. Vandaag niet. Zij heeft niet geslapen.

Meer...

Maandag 14 september 2009

Kinderrechten

De Morgen - Maandag 14 september 2009 Ik was daarstraks bij zuster Jeanne Devos in Mumbai, het voormalige Bombay. Sister Jeanne is de oprichtster van de Domestic Workers Movement, een nationale Indiase beweging die vecht voor de rechten van het kind, meer bepaald voor die van het werkende kind. Van een gesprek met Jeanne Devos, van de verhalen die zij dagelijks beleeft, moet je bekomen. Na afloop stap ik dus, in de buurt van Mumbai Central Station, een ruimte binnen die voor een café kan doorgaan.

Meer...

Vrijdag 11 september 2009

Nazomer

De Morgen - Vrijdag 11 september 2009 Het kan aan mijn selectieve blik liggen. Het heeft zeker ook te maken met de erbarmelijke picknickterreinen die naast onze snelwegen zijn aangelegd, of er niet zijn aangelegd. Maar het lijkt me niet geheel onwaarschijnlijk dat ook de wissel der seizoenen er voor iets tussenzit. Gewoonlijk bots ik op de route van a naar b hooguit een keer op dit sproeiende geluk; maar dezer dagen sta ik op diezelfde weg herhaaldelijk oog in oog met de achterkant van mannen die met licht gespreide benen pissend in de openlucht staan.

Meer...

Woensdag 9 september 2009

Schijden

De Morgen - Woensdag 9 september 2009 Ze is een meisje van dertien. Ze heeft niet kunnen voorkomen dat haar papa op zijn werk een vrouw is tegengekomen die hem, in tegenstelling tot haar moeder, begrijpt. Niet dat ze ermee zit, zegt ze. Ze vindt het best. Haar papa is duidelijk gelukkig. En zijn begripvolle, nieuwe vriendin is aardig, en leuk. Ze draagt mooie kleren. Ze ruikt anders en frisser dan haar moeder, en ziet er jonger uit, al is ze dat niet. In dat cliché is haar vader niet getrapt.

Meer...

Maandag 7 september 2009

Joburg

De Morgen - Maandag 7 september 2009 De cafébazin schenkt gloeiend heet water over drie lepels oplosbare koffie. De koffie smaakt vies en bitter, maar wie verslaafd is, drinkt liever een surrogaat dan helemaal niets. Er komt een magere vrouw aan mijn tafel zitten. Ze heeft een pokdalig gezicht, haar jurk is vuil en bij haar linkerschouder zit een grote scheur. Haar handen zien er veel jonger uit dan de rest van haar schrale lichaam. Ze draagt geen schoenen. De cafébazin kijkt de vrouw met een blik vol minachting bijna de deur weer uit.

Meer...

Vrijdag 4 september 2009

Spijt

De Morgen - Vrijdag 4 september 2009 Hij baatte in zijn eentje een pompstation uit. Franchiseformule. Het merk van een ander. Het werk van hem. Franchise komt van vrijdom. Die term leek ver van zijn leven verwijderd. Hij was een politiek vluchteling uit Pakistan. In zijn geboorteland had hij politieke wetenschappen gestudeerd. Politieke wetenschappen in Pakistan, dat is spelen met vuur bij een benzineopslagplaats. Na zijn studies werd zijn situatie inderdaad explosief. Hij moest alles achterlaten. Om alles - zijn leven - te redden.

Meer...

Woensdag 2 september 2009

Be Free

De Morgen - Woensdag 2 september 2009 Sombere geesten zeggen dat kinderen die vandaag naar het eerste leerjaar gaan, de kunst van het schoonschrijven nooit zullen beheersen. Ze zeggen, terecht, dat deze evolutie een verlies inhoudt, en wijten de teloorgang van het handschrift aan de machine. Eerst was er de schrijfmachine. Daarna kwam de computer. En toen dook dat toetsenbordje van de mobiele telefoon op.

Meer...

Maandag 31 augustus 2009

Zwemnat

De Morgen - Maandag 31 augustus 2009 Als ze vernemen dat ze naar het grote zwembad gaan, kan de dag niet meer stuk. Dat ze geen zwembroek bij zich hebben, vinden ze geen enkel probleem. Ze zeggen dat ze dan toch gewoon in hun onderbroek het water induiken, en als dat zo vanzelfsprekend van hun kinderlippen rolt, benijd ik hun ongecompliceerde nuchterheid en ik vraag me af wanneer de eerste druppels der ijdelheid in de mens binnensijpelen. Onderweg koop ik hun een zwembroek.

Meer...

Vrijdag 28 augustus 2009

Cv

De Morgen - Vrijdag 28 augustus 2009 Het was me in geen decennia nog overkomen, maar gisteren was het zover: een instantie die me na aan het hart ligt zou, ter promotie van mijn persoon, graag over mijn curriculum vitae beschikken. En of ik zo vriendelijk zou willen zijn om deze levensloop voor hen op te stellen. Ik wilde graag zo vriendelijk zijn. Maar ik wilde er ook niet veel tijd aan verliezen. En dus googelde ik wat. En dus rolden de 'fraai vormgegeven' voorontwerpen van cv's over mijn scherm; samen met talrijke tips voor curriculae die 'uitblinken in volledigheid'.

Meer...

Woensdag 26 augustus 2009

Smakelijk

De Morgen - Woensdag 24 augustus 2009 De chef heeft een mand dikke, donkerrode kersen geplukt. Zijn vrouw baat een bed & breakfast uit. De voormalige stallen, aanpalend aan hun hoeve en restaurant, zijn uitgebouwd tot gastenkamers. De ontbijttafels zitten vol. De ochtend ruikt naar brood en koffie. Dat zal snel omslaan. De chef zal van de rijpe kersen clafoutis maken. En bavarois. Hun gasten zijn daar zo dol op zijn. Hij en zijn vrouw ook.

Meer...

Maandag 24 augustus 2009

Slijk

De Morgen - Maandag 24 augustus 2009 Ik genoot van mijn plek op het terras. Ik zat in de schaduw. Ik had een prachtig panorama. Maar met het geluid trof ik het niet. Uit de luidspreker boven mijn hoofd kabbelden slechte covers van slechte nummers. De muziek stond op een ergerlijk volume. Te stil om echt te storen. Te luid om onhoorbaar te zijn. Bovendien zat voor mij, rond tafels die ze zelf tegen elkaar hadden geschoven, een groep luidruchtige mensen van alle leeftijden. De oudste had een rollator; die barricadeerde het pad van de serveerster. De jongste lag in een wieg, die datzelfde pad barricadeerde.

Meer...

Vrijdag 21 augustus 2009

Geschiedenis

De Morgen - Vrijdag 21 augustus 2009 Toen ik haar de laatste keer zag, dat moet zo'n tien jaar geleden zijn, zat ze in haar tuin, bij de beukenhaag, in een stapel National Geographics te lezen. De magazines die ze had doorgenomen, werden opgevrolijkt met post-its in allerlei kleuren. Elk kleurtje had een betekenis. Met de gele kenmerkte ze die bestemmingen die ze heel graag zou aandoen. De Chileense pampa's hoorden daarbij. En de verborgen Peruviaanse Incastad, Machu Picchu: die wilde ze absoluut met eigen ogen zien. Noorwegen, die zee vol desolate eilanden, lonkte zeer. Ze was een lerares geschiedenis van tweeënzestig. Ze was juist met pensioen, en had nu ruim de tijd om bij te leren. Tijd verliezen was niet aan haar besteed, van het woord 'treuzelen' werd ze bloednerveus.

Meer...

Woensdag 19 augustus 2009

Emancipatie

De Morgen - Woensdag 19 augustus 2009 Het water van de zee rolt over het strand uit. Een lichte bries zaait verkoeling onder de zon. Op de esplanade staan mannen te keuvelen, of ze spelen, in kleermakerszit, met dobbelstenen. Koppeltjes wandelen van de ene kant naar de andere, en weer terug. Op de dijkmuur hebben zich groepen van meisjes verzameld. Ze praten en giechelen; met elkaar, en mét en tegen hun telefoontoestel. Er paraderen groepen jongens die kleren dragen waarop de merknaam net te prominent aanwezig is om authentiek te zijn. Ze lopen wijdbeens en kijken hun ogen uit. Voor zover ik kan zien, ben ik de enige blanke. Dat heeft zijn voor- en nadelen.

Meer...

Maandag 17 augustus 2009

Perceptie

De Morgen - Maandag 17 augustus 2009 Het is al nacht als ze de camping op rijden. Ze hebben al vaker gekampeerd. Dat zie je aan hun bewegingen: die vertonen geen enkele hapering. Daarnaast lijkt het stel perfect op elkaar afgestemd: elk voert resoluut zijn en haar taken uit. Ze praten niet. Ze doen. In een mum van tijd zet de man de tent op. Ondertussen hangt zijn vrouw voorovergebogen in de autokoffer en zoekt de slaapspullen uit. Elke sekse haar specialiteiten.

Meer...

Vrijdag 14 augustus 2009

Stadsplein

De Morgen - Vrijdag 14 augustus 2009 Het is een van de fijnste pleinen in de stad. Niet dat het een prestigieus oord is. Het kent gras noch plantsoen. Wel asfalt waarop lijnen zijn geschilderd en twee basketbalkorven groeien. Rond dit plein staan geen bomen. In plaats daarvan is het met geparkeerde auto's omringd. Die zoom zorgt voor aangename variatie. De ene keer staan er nog meer terreinwagens dan de andere. En je treft er geregeld auto's met een wielklem aan; vooral tijdens het weekend, en op wagens met een Nederlandse nummerplaat. Op een dag stond er zelfs een knalgele Hummer met een Poolse nummerplaat geparkeerd.

Meer...

Woensdag 12 augustus 2009

Naturisme

De Morgen - Woensdag 12 augustus 2009 De klimop kruipt in dikke slierten omhoog, omlaag, en naar overal. Het grillige groen, dat alle tinten aanneemt, bedekt de hele muur. Die is wel tien meter breed. En minstens even hoog. De bovenste uitlopers van de plant reiken tot aan de vijfde verdieping. Hun wortels hechten zich in de muur vast. Ook voorbij die grens zal de klimplant haar offensief voortzetten. Of de bewoner van de vijfde verdieping dat nu wil of niet.

Meer...

Maandag 10 augustus 2009

Popelland

De Morgen - Maandag 10 augustus 2009 Het is een natuurwet. Waar je ook bent in de wereld, zodra het landingsgestel van een vliegtuig de aarde kust, veren reizigers uit hun stoelen. De motoren van het toestel liggen amper stil, de piloot heeft nog geen teken gegeven dat de veiligheidsgordels los mogen, maar onder de lage kofferruimtes voeren de passagiers al halsbrekende toeren uit. Ze kunnen niet blijven zitten. Ze moeten eruit. Zelfs al duurt het een kwartier voor de vliegtuigslurf met de terminal is verbonden.

Meer...

Vrijdag 7 augustus 2009

Jong geleerd

De Morgen - Vrijdag 7 augustus 2009 Het gezin heeft de tafel vlak bij het ontbijtbuffet uitgekozen. Zo, met deze overvloed binnen handbereik, zullen de kinderen, die er hoegenaamd niet tenger uitzien, beslist niets te kort komen. Bovendien kan moederlief haar handtas zo naar believen vullen met Babybells en botervlootjes, met druiven, en in servetten verpakte croissants, met minipotjes honing en confituur. Zelfs chocoladepasta hebben ze in dit hotel in haar ideale meeneemformaat. Vader trekt zich van dit ochtendritueel weinig aan. Hij leest de lokale krant alsof het zijn vaste dagblad is. Omdat hij vooral bij de sportpagina's verblijft, lijkt het daar ook op.

Meer...

Woensdag 5 augustus 2009

Kinderbloem

De Morgen - Woesndag 5 augustus 2009 Het wonderlijke gekriebel van haar felblauwe blaadjes zat diep in mijn geheugen verscholen. Ik moet een jaar of vier, vijf zijn geweest. We renden van het ene huis naar het andere. Niet via de straat, maar door de akkers die zwanger stonden van graan. De stekelige korenaren prikten op onze benen en armen en lieten overal rode striemen achter. Dat was niet erg. In de pijn brandden opwinding, onverschrokkenheid en vrijheid. Ik wist niet dat de korenbloem nog bestond. Omdat ik haar wilde blauw op mijn wegen nooit meer tegenkwam. Uit het oog is zelden helemaal uit het hart. Wie het omgekeerde beweert, wil vooral zijn geweten sussen.

Meer...

Maandag 3 augustus 2009

Vonken

De Morgen - Maandag 3 augustus 2009 In Tervuren is zaterdag de elektriciteit enkele uren dood gebleven. Dat is groot nieuws in een land als het onze; een land waar de premier diezelfde dag aankondigde dat het tien moeilijke jaren tegemoet gaat. Moeilijke jaren die voor een deel worden veroorzaakt door de vergrijzing. In het land waar ik op dit moment vertoef, begrijpen ze niet wat vergrijzing is. Dat een haperende stroom de kranten haalt, doet de mensen de wenkbrauwen fronsen; hier zou een dag zonder onderbrekingen pas nieuws zijn. Van bejaardentehuizen heeft men ook nog niet gehoord.

Meer...

Vrijdag 31 Juli 2009

File

Ik zit er middenin en heb er de pest in. De zon is heet. De lucht stinkt. De fles water die op de passagiersstoel ligt, is voorbij half leeg en gloeit. Mijn schoenen knellen. Op de radio kiezen ze alleen maar foute nummers, de aankondigingen van de nationale files kloppen niet, en het journaal heb ik al drie keer gehoord. Er zijn talrijke auto's. Maar ik rits. Hij ritst. Wij ritsen. Voor me rijdt een bordeaux auto met de letters RVA op de nummerplaat. Hij rijdt voor me. Hij rijdt achter en naast me. Samen voeren we een filedans uit. We maken lussen. Verdwijnen in de menigte. Komen terug naar onze trouwe partner. We knikken naar elkaar. Er ontstaat oogcontact. We slowen. Bumper tegen bumper. Mijn benzinelampje, gealarmeerd, springt op oranje. Er zitten vijf buitenlanders in mijn danspartner. Mannen met baarden. Vrouwen met hoofddoeken. Hun verschijning, in combinatie met de letters van hun nummerplaat, wekt dan toch een lachje in me los: het is alsof ZAK voor de tweede keer vandaag aan me voorbijrijdt. De vrouwen achterin glimlachen naar me. Eentje steekt een wuivende hand op. We zwaaien elkaar toe. Onze opgewekte solidariteit brengt de chauffeur aan het grinniken; zijn arm die eerst passief uit het raam hing, is nu opgeheven. Zijn vingers trommelen op het dak van de auto. Hij drumt de tijd en de ergernis weg. Hij brengt soul in deze saaie file. We schurken tegen elkaar aan. Als ik de bordeaux auto even uit het oog verlies, doe ik er alles aan om hem weer bij te benen. Na al dat schuifelen en frunniken ken ik hun voor- en achterkant. Ben ik met hen vertrouwd geraakt. Daarom dat ik wat bedremmeld achterblijf, als na een uur de file eensklaps oplost. En de bordeaux auto er met een grote snelheid vandoor gaat. Plots ben ik een muurbloempje, op de snelweg naar huis. Margot Vanderstraeten Publicatiedatum : 2009-07-31 Sectie : Een

Meer...

Woensdag 29 Juli 2009

Geluk

Ze lijken als twee druppels water op elkaar. Je kan in de moeder het meisje nog goed herkennen. En als je door het meisje kijkt, zie je een schets van de vrouw die ze zal worden. Er is een man in hun gezelschap. Het is niet duidelijk of hij de vader van het meisje is. Hij kijkt in elk geval meer naar de moeder dan naar de dochter. Hij smeert de rug van de dochter niet in. Dat doet de moeder. Zij doet dat zeer aandachtig. Moeder en dochter dragen een badpak. Het badpak van de moeder is ter hoogte van alle welvingen minder diep uitgesneden dan dat van de dochter. Dat is een goed idee. Moeder drukt een kus op de lippen van de man. Het meisje zwaait naar hem. Haar beweging is vluchtig en gehoekt, tussen verlegen en afstandelijk in. Na dit afscheidje rennen moeder en dochter hand in hand de oceaan in. Ze zijn uitgelaten. Ze giechelen. Ook hun achterkant giechelt. Hun billen leggen op vleselijke wijze hun genetische verwantschap bloot. Moeder staat tot aan haar heupen in de oceaan. Naast haar staat haar dochter; bij wie het water tot aan de schouders reikt. Ze zwemmen niet. Ze blijven elkaars hand vasthouden. Telkens als er een golf op hen afkomt, en telkens als die golf op haar hoogtepunt is, springen ze gierend en synchronisch de lucht in. Het meisje gaat kopje-onder en komt proestend weer naar boven. Zo eindeloos veel keren na elkaar. Hun plezier is overrompelend. De man zit op het strandmatje. Hij tuurt naar de twee. Hij denkt. Misschien denkt hij dat hij er nooit bij zal horen. Het is ook mogelijk dat hij, die ooit ook klein is geweest, beseft dat het simpele, grote kindergeluk dat zich voor zijn ogen afspeelt, in het volwassen leven nog moeilijk te evenaren valt. Dat besef kan bijten. Feller dan zoutwater. Margot Vanderstraeten Publicatiedatum : 2009-07-29 Sectie : Een

Meer...

Maandag 27 Juli 2007

Operatie Millimeter

In de straat staat, voor een privéhuis, een afvalcontainer. De eigenaar van dit huis rijdt de hele dag met een kruiwagen van en naar de container. Om die handeling vlot te laten verlopen, heeft hij van een plank een loopbrug gemaakt. Als de kruiwagen zwaar geladen is, buigt de plank door. De kruiwagen is vaak zwaar geladen. De man vertelt dat hij zijn kelder leeg ruimt. Eigenlijk ruimt hij de kelder van de vorige eigenaar leeg. Die is, onverwachts, gestorven. Zijn kinderen zijn, niet geheel onverwachts, vooral geïnteresseerd in de opbrengst van het huis. Niet in de kelderschatten. De man werkt goed door. Hij vult zijn gehuurde kubieke meters met potten en deuren, met gebarsten glasramen en oude televisiekasten, met boeken en huishoudgerei. Met chemische troep ook. En koelkasten. Ook kiepert hij een paar dozijn ongeopende blikken perziken op siroop op zijn afvalberg. Hoe hard hij zijn ladingen ook aansleept, zijn container raakt niet gevuld. Meermaals houden voorbijgangers halt. Ze kijken wat hij aan het doen is. Ze piepen met hun hoofd in de afvalcontainer. Ze maken hem duidelijk dat spullen die door de een als rommel worden gecatalogeerd, voor de ander van onschatbare waarde kunnen zijn. Terwijl de man zijn container vult, maken voorbijgangers van allerhande pluimage hem geleidelijk aan weer leeg. Of ze dat kastje mogen hebben. Of ze die deur kunnen komen halen. Of hij de televisies opzij kan zetten. En die bloempot, die kan toch worden geplakt? Die loden pijpen, mijnheer, daar krijgt u bij de handelaar goed geld voor. Mag ik die verfpotten? De man gunt elke voorbijganger wat hij vraagt. "s Avonds dekt hij de container bewust niet af met een zeil. Zo kunnen ook zij die bij daglicht geen graantje durven mee te pikken, zonder schroom aan afvalvriendelijkheid doen. Dat doen ze. Margot Vanderstraeten Publicatiedatum : 2009-07-27 Sectie : Een

Meer...

Vrijdag 24 Juli 2009

Asielvinders

Hij hield de twee aan de leiband, aan elke hand een. Hij was de bezitter van twee Afghaanse windhonden. De prachtige, hoogblonde dieren liepen dicht tegen hem aan. Ze liepen niet. Ze paradeerden met een elegantie die zo groot was dat ze makkelijk met arrogantie kan verward worden. Maar dit waren honden. Geen vrouwen. Het was duidelijk dat de man uitermate trots was op de gekuifde viervoeters die hem, te midden van deze drukke markt, flankeerden. Hun kuifhaar was uit hun donkere snoet gekamd en bij elk oor in een rood gestrikt staartje gebonden. Dat gaf de dieren een menselijk trekje. De bewonderende blikken van voorbijgangers deden hem glunderen. Mensen keken van hem naar zijn exotische honden. En van zijn exotische honden naar hem. Ook werd hij veelvuldig aangesproken en geprezen. Op dezelfde manier als jonge moeders en vaders alom worden aangesproken en geprezen; als zij met hun vers geboren kroost de straat op gaan. Alsof de wonderbaarlijke genetica van zijn honden de vrucht van zijn eigen zaad betrof. Er waren voorbijgangers die de dikke en lange zijden vacht van de dieren streelden; iets waar het baasje meer plezier in leek te scheppen dan de honden zelf, want die bleven hun snuit waardig in de hoogte houden. Kinderen kusten de dieren in de rijzige hals. De bewonderaars vielen niet in hokjes te stoppen. De hele mensheid scheen van de Afghaanse windhonden te houden: mannen en vrouwen, jong en oud, groot en klein, dik en dun. Er heerste zelfs afgunst. Er waren er die ook zo"n Afghaan wilden. Ik heb het, toen ik thuis kwam van de markt, even gecheckt: Afghaanse windhonden, met of zonder papieren, belanden in dit Westen zelden in een asiel. Omdat ze snel een thuis vinden. En illegaal zijn ze nooit. Margot Vanderstraeten Publicatiedatum : 2009-07-24

Meer...

Woensdag 22 Juli 2009

Woensdag 22 July 2009 Treinlezen

Hij zit tegenover mij in de trein. Hij is een jaar of dertig en middelmatig gebouwd. Hij draagt een donkergrijs kostuum waarin een wit streepje is verwerkt. Op zijn schoot ligt een boek. Het is onmogelijk de titel te lezen. Die onmogelijkheid enerveert me. Ik wil weten wat mensen lezen, omdat ik meen dat ik door de boeken ook de mens kan lezen. Maar dat is natuurlijk prietpraat. Hij heeft fraaie zwarte krullen die tot op zijn schouders hangen. De bovenste twee knopen van zijn witte hemd staan open. Tussen zijn voeten klemt een leren tas die te klein is voor een laptop van reguliere grootte. Afgaand op de gebruikssporen gaat die tas ook al langer mee dan hijzelf. Dat prehistorische accent maakt dat ik nu heel zeker wil weten wat hij leest. Zijn handen rusten op zijn boek. In zijn ene hand houdt hij een flesje water dat halfvol is. Het dopje is ervan verwijderd. Ik kan het nergens bespeuren. Het ligt niet naast hem. En ook niet op de grond. Het zal wel tussen zijn dijen liggen. Die gedachte laat me niet onverschillig. Zijn hoofd leunt achterover. Zijn ogen zijn dicht. Zijn mond hangt half open. Dat verknalt de beeldigheid van het plaatje een beetje, maar een mens kan ook niet alles in een keer hebben. Hij slaapt. Telkens als hij in een diepe slaap verzonken lijkt, veert zijn hoofd weer recht. Even maar. Want dan knikkebolt hij weer. Het flesje water in zijn hand maakt meermaals dezelfde kanteling als zijn bewustzijn. Het schiet heen en weer. Ik zet mijn zinnen op het flesje. Ik duim dat het omvalt. Als hij water morst, schiet hij wakker. Valt zijn boek van zijn schoot. Kan ik de titel en de auteur lezen. Weet ik wie hier voor me zit. Helaas. Als ik uitstap, zitten hij, zijn boek en het flesje nog steeds in dezelfde houding. Alleen zijn mond hangt nog wat wijder open. Margot Vanderstraeten

Meer...

Maandag 20 Juli 2009

Broers

Ze zijn broers. Ze hebben alletwee een krulsnor. De snor van de ene krult weliger dan die van de andere. Maar die andere heeft bicepsen om u tegen te zeggen en dat maakt veel goed. Beiden zijn een jaar of vijftig. Het is moeilijk te onderscheiden wie de oudste is. Snorharen zijn een vorm van camouflage. Ik ken de broers niet. Zij mij wel. Aan de hand van mijn boodschappenlijst. De broers hebben een kleine kruidenierszaak. Eentje waar groenten en fruit aanlokkelijk uitgestald liggen in de kraampjes tegen de buitenmuur, en waarvan de binnenkant bestaat uit één grote ruimte vol etens- en andere waren. Centraal pronkt de koeltoog, annex kassa. In hun buurtwinkeltje is de zelfbediening nog niet uitgevonden. Alles wat je nodig hebt, moet je aan de broer zonder bicepsen bestellen en betalen. Daarna schikt de broer mét de bicepsen je bestelling uiterst zorgzaam in een herbruikbaar plastic tasje. De zwaardere spullen onderaan. De perziken veilig en voorzichtig bovenaan. Er zijn dagen dat de inpakkende broer, de boodschappentas in de hand, vanachter de koeltoog komt en mee naar buiten loopt. Vooral bij klanten van hoge leeftijd en meisjes met kortje rokjes loopt hij dat eind graag mee. Ik heb de broers in al die jaren nog nooit ruzie horen of voelen maken. Als ze praten, doen ze dat niet met elkaar, maar met hun klanten. Ze dragen een trouwring. Toch heb ik achter hun winkeltoog nooit een vrouw ontdekt. Nu is er in de straat van de broers een stadssupermarkt geopend. Met hippe winkelkarretjes én selfscanning. Ik vraag aan de broers of ze niet bang zijn dat een deel van hun klanten, vooral die met minirokjes, voortaan zullen wegblijven. Hun snorren lachen en ze vragen of ze deze week een cavaillon voor me opzij moeten houden, want dat ze morgen weer een suikerzoete levering recht uit Frankrijk krijgen. Margot Vanderstraeten

Meer...

Vrijdag 17 Juli 2009

Madeliefjes

Het meisje zag er fleurig uit. Haar blonde haar was verdeeld in twee vlechtjes die onderaan samengehouden werden door een elastiekje waarop een grote, rode bloem danste. Ook bij haar oren staken spelden vol bloempjes. Ze droeg een blauw met wit gestippeld jurkje dat tot boven haar knieën reikte. Op haar rechterknie was een grote, stralende zon in mercurochroom geschilderd. Pijnlijk leek de knie helemaal niet. In haar roze sandalen droeg ze witte sokken met roze franjes aan de bovenkant. De witte tenen waren al behoorlijk besmeurd. Logisch. Het meisje was hooguit drie jaar en had op deze doodgewone middag de veelvoudige vreugde van een helling ontdekt. Eerst klom ze op handen en voeten tot helemaal boven aan het grasplantsoen, dat was een zevental meter hoog. Daarna holde ze aan hoge snelheid door het gras weer naar beneden. Zo snel liep ze, dat ze de controle over zichzelf verloor, en haar benen met haar aan de haal gingen. Dat verlies van controle vond ze een heel fijn gevoel, want telkens ze bijna beneden was, struikelde ze ook over haar schaterlach heen. Het meisje wist dat ze niet kon vallen. Dat ze zich geen zorgen hoefde te maken. Beneden stond, met open armen, de warme veiligheid zelve. Beneden stond oma. Oma ving haar op. Keer op keer. En oma tilde haar, keer op keer, enthousiast in de lucht. Zo goed en zo kwaad als dat nog kon. Mama was er ook. Mama stond op het wandelpad in het park. Ze leunde op de stuurbeugel van de moderne kinderwagen en keek van haar dochter naar haar moeder. Toen deed het fleurige meisje iets heel fleurigs. Ze klom tot halverwege het plantsoen. Ze plukte een handvol madeliefjes. Ze stapte traag naar beneden. En reikte de helft van het boeketje aan haar mama. En de andere helft aan haar oma.

Meer...

Woensdag 15 Juli 2009

Parkeerboete

Het is een afgelegen straat. Het regent. Als het regent zijn de parkeerwachters minder geneigd om met hun apparaatje in de hand de straten en de voorruiten af te dweilen. Aan elk weertype zijn voordelen verbonden. Toch loop ik naar de betaalautomaat. Daar is het druk. Achter een oudere man die zijn geld in de automaat probeert te steken, staan drie personen aan te schuiven. Twee vrouwen schuilen arm in arm onder een paraplu. De derde wachtende houdt een krant boven zijn hoofd. Ik ga achter deze derde man staan. Het loopt niet vlot tussen de oude man en de automaat. Hij mompelt tegen de machine, en als die niet antwoordt, draait hij zich om en mompelt tegen de ganse rij. Zijn voorkant ziet er ouder uit dan zijn achterkant. Zijn handen en lippen trillen. Hij lijkt nerveus, maar misschien is hij dat niet, misschien heeft de tand des tijds gewoon aan zijn zenuwstelsel geknabbeld. De oude man drukt op allerlei knopjes. Hij heeft zowel muntgeld als een bankkaart vast. Ondertussen sluit een vrouw met kind achter in de rij aan. Zij slaakt om de haverklap een diepe zucht. Even later blazen alle anderen, mezelf incluis, met haar mee. Het duo onder de paraplu gaat nu naast de oude man staan. Ik kan niet horen wat ze zeggen. Maar ik zie dat de man zijn bankkaart laat vallen. En dat een van de twee vrouwen ze opraapt. Dan zet de oude man een stap opzij. Hij blijft naast de automaat staan. En laat ons allemaal voorgaan. Als ik het parkeerticket op het dashboard van mijn auto leg, praat hij weer tegen de automaat. Zijn jas is kletsnat, en zijn gezicht ook. De oude man liet vier wachtenden, tot en met de vrouw met het kind, voorgaan. Toen nam hij zijn bankkaart. En probeerde alles van begin af aan opnieuw. Zijn jas was kletsnat, en zijn gezicht ook.

Meer...

Maandag 13 juli 2009

Rijk der vrouw

Aan de rand van de stad zat ze op een laag stoeltje op de stoep voor haar huis. Ze was omringd door drie andere vrouwen. Die zaten niet op een stoel, maar op een roodbruin Berbers tapijt dat hoogstwaarschijnlijk handgeknoopt was, en gedeeltelijk op de stoep lag uitgespreid. De vrouwen droegen alle vier een djellaba in een verschillende, vinnige kleur. Hun brede palet - van paars tot groen - gaf het tafereel een vrolijke tint. Elke djellaba was ook nog afgewerkt met borduursel in ragfijne gouddraad. En: alle vrouwenvoeten waren met henna beschilderd en staken in felkleurige, leren babouches die blijk gaven van een betere kwaliteit dan de exemplaren die toeristen doorgaans meebrengen van een soek in Fez of Marrakech. Niet alleen hun traditionele klederdracht blaakte van leven. De vrouwen babbelden druk heen en weer in hun eigen taal. Ze lachten en meermaals sloegen ze zichzelf en elkaar, terwijl ze proestend achterover leunden, op de dijen. Tussen hen in stonden, op het tapijt, enkele grote schalen in roestvrij staal. De schalen waren gevuld met koekjes, amandelen en pistachenoten. In een diepe schaal lonkte een halve watermeloen die in stukken was verdeeld en waarvan al flink gegeten was. Het leed geen twijfel dat de vrouw op de stoel de matrone was. Haar verschijning was stevig en breed. Het stoeltje waarop ze zat veranderde door haar aanwezigheid in een troon. Haar lichaam: een geboortearchief. Haar golvende borsten: een zee van liefde en ervaring. Haar vanzelfsprekende rust: een reddingsboei voor emotionele drenkelingen. Haar mollige handen: twee kneedmachines van deeg en vlees. Op dit stukje stoep in mijn stad vierden vier vrouwen feest zoals alleen vrouwen uit de Maghreb dat kunnen. Of ze die zomeravond hoofddoeken droegen? Ik kan er niet op antwoorden. Ik heb er niet op gelet. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Vrijdag 10 Juli 2009

Ansichtkaart

Afgaand op de tekstberichten die dezer dagen op mijn minuscule tekstvenstertje binnenstromen, lijk ik de enige die nog zit te werken. De rest van mijn wereld ligt - omkranst door smileys - op het strand, zit op de rug van een kameel, of is onder de indruk van een Picasso of een andere plaatselijke schoonheid. 'Heerlek zonnetje. Schitterend hotel. Pr8ige stranden. Luilekkerland. Oe is taar, c u'. Vakantieverhalen die tot een neurotisch sms-idioom worden gereduceerd, zijn een vorm van terreur. Een beschaafde maatschappij dient tegen elke vorm van terreur in opstand te komen. Dus ook tegen deze zonnige en verkleuterde uitingen van leedvermaak die, op elk moment van het etmaal, ongegeneerd de wereld van de werkende medemens binnendringen. Dit is een pleidooi voor een georganiseerd verzet tegen de vakantie-sms. Dit is een pleidooi voor de wederpromotie van de ansichtkaart, ook prentbriefkaart genoemd. De brievenbus kan een placebo zijn. Want dit is het medicijn waar ik naar snak, en waarvan ik, dankzij de vooruitgang van de technologie, verstoken blijf. Dit is het medicijn waarvan ik droom. Ik maak de brievenbus open. Tussen de stapel zakelijke enveloppen ontdek ik het glimmende plaatje van een briefkaart. Ik kijk nieuwsgierig en glimlachend naar het plaatje. Ik weet dat deze schat speciaal voor mij is uitgekozen. Ik lees, nu nog nieuwsgieriger, de achterkant. Die is speciaal voor mij geschreven. Ik keur de zorgvuldig uitgezochte postzegel. Ik analyseer het handschrift. Ik probeer de stempel te ontcijferen. Ik draai de kaart een paar keer om. Ik zoek verbanden tussen de voor- en de achterkant. Tussen het beeld en de mensen. Ik laat mijn hand over de briefkaart glijden. Ik plaats de kaart op de schoorsteenmantel. En als ik de vakantiegangers begin te missen, of ik als daar domweg zin in heb, belees en bevoel ik hen opnieuw. En opnieuw. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Woensdag 8 Juli 2009

Vanille-ijs

Plots breekt de lucht open en regent het pijpenstelen. Voorbijgangers reppen zich onder de luifels van winkels. Een vrouw die een geruit boodschappenwagentje achter zich aan trekt, probeert zich uit de voeten te maken. Ze heeft een doorzichtig, plastic regenkapje om haar hoofd geknoopt. Ze kijkt rond. Dat gaat niet zo gemakkelijk. Haar rug is krom. Vergroeid met de tijd. Haar tijd heeft al minstens zeventig jaar geduurd. Samen met haar wagentje rolt ze een taverne binnen. Even later verschijnt ze aan het raam. Ze heeft haar kapje droog geschud en haar mantel uitgetrokken. Ze legt haar kapje aan de overkant van haar stoel. Zo is het alsof ze daar toch niet helemaal alleen zit. Aan de kelner geeft ze haar bestelling door. Ze lijkt niet te aarzelen. De kelner brengt een schaaltje met een dampende, glazen kop. Ze laat het theezakje in het glas dansen. Ze pulkt het papier van het suikerklontje en laat het klontje in de kop plonzen. Er verschijnt nog een schaal. Eentje waarop een enorme coupe pronkt. Gevuld met vanille-ijs en aardbeien. En rijkelijk afgewerkt met slagroom. Omdat ze zo voorovergebogen zit, komt de hoge coupe boven haar hoofd uit. Dat stelt geen probleem. Ze schuift naar het puntje van haar stoel en legt de lange lepel in haar hand. Ze heft haar hoofd zo ver mogelijk. Ze begint te eten. Ze lepelt. Ze likt. Eerst gaat de slagroom er zoetjesaan in. Dan diept ze smakelijk alle aardbeien uit de coupe. Haar profiel wordt gekenmerkt door tuitende lippen. En door een servet dat voortdurend over haar kin gaat. Tegen de tijd dat ze de aardbeien allemaal opgesmuld heeft, is het ijs in de coupe zo zacht geworden dat het lopend is. Ze kantelt de coupe en laat hem tegen haar mond rusten. Zo drinkt ze haar vanille-ijs. Margot Vanderstraeten

Meer...

Maandag 6 Juli 2009

Sociaal vluchteling

Ik zag haar. Ze was een oude kennis. Iemand die ik in geen jaren had gezien, en naar wier huidig leven ik niet bepaald nieuwsgierig was. Sommige mensen kunnen in de tijdslijn van het leven beter bij vroeger blijven. Daar vervullen ze hun glansrol. Toch voelde ik een blije opstoot toen ik haar in een ooghoek ontdekte, en vaststelde dat ze, behalve door de invloed der jaren, amper was veranderd. Misschien hoopte ik van mezelf hetzelfde. Bij die opstoot mocht het blijven. Alsjeblief geen 'wat doe jij nu', en 'zijn de kinderen al zo groot', en 'ben je eindelijk gescheiden, nee maar!' Om aan het gevaar der plichtsmatige, sociale oppervlakkigheid te ontsnappen, deed ik alsof ik haar niet had gezien. Ik kan het niet bewijzen, maar ik weet het. Zij zag mij ook. En zij reageerde op dezelfde manier als ik: ze deed alsof ze me niet had gezien, en hoewel ik die negerende houding voor mezelf perfect kan verrechtvaardigen, voelde ik me door haar vluchtende attitude op de tenen getrapt. Dat ik iemand niet wil zien of spreken, tot daar aan toe. Maar dat er mensen zijn die mij niet willen zien of spreken? Zo zaten we daar. Alle twee op een andere bank. Vooral niet elkaars richting uit kijkend. En met onze verstrengelde gedachten die zich naarstig en ook bezorgd afvroegen of de ander het vermijdingsspel zou doorhebben. En dus zou weten dat ze bewust en deskundig ontweken wordt. Deze joker - gebrek aan bewijzen - maakt het leven van sociale vluchtelingen draaglijk. We teren op troostende onzekerheid. Op het voordeel van de twijfel. We maken onszelf wijs dat de ander ons écht niet heeft gezien. En we geloven in de heerlijke leugen dat de ander niet heeft gezien dat wij hem/haar hebben gezien. Sociale vluchtelingen maken van het hoofd hun eigen opvangcentrum. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Vrijdag 3 july 2009

Hommeles

Ik parkeerde mijn fiets op het plein. Ik stopte het sleuteltje in mijn tas. En ik rook de sterke, heerlijke geur. Ik keek naar boven. Daar hingen, aan bomen van meer dan twintig meter hoog, enorme takken vol geelgroene bloemetjes. Als ik een bij of een hommel zou zijn, zou ik wel weten wat ik moest doen. De lindebomen op dit plein zijn een zekerheid in mijn leven. Ik heb ze nooit klein of onvolgroeid geweten. Ze reiken hoog in mijn herinnering, en nog hoger in mijn aanzien. Naar verluidt kunnen lindebomen tot duizend jaar oud worden, en blijven ze er zelfs dan nog betrekkelijk jong uitzien. Dat maakt een mens die bewust voor haar gezonde beweging fietst er alleen maar onbenulliger en sulliger op. Ik was niet de enige die in de ban was van de honinggeur die de lindes verspreidden. Iedereen die onder de bedwelmende loofbomen schreed, haalde de adem diep in en keek vergenoegd en dankbaar naar boven. Toch richtte ik mijn blik ook naar beneden. Daar ontdekte ik tientallen dode hommels. Ik schrok. Maar toen ik mijn bezorgdheid bekendmaakte aan een café-eigenaar op het plein, lachte die me uit op de manier waarop alleen mannen vrouwen kunnen uitlachen, en dan vooral als het over mechanische kwesties van de auto gaat. Die reactie stelde me gerust. Zijn antwoord helaas niet: hommels moeten, in hun jacht op de lindenectar, zoveel van zichzelf geven, dat ze er geregeld dood bij neervallen. Ze geven meer dan ze krijgen, legde de cafébaas uit, en een klant aan de toog zei dat zulks hem heel bekend in de oren klonk, want in zijn relatie met vrouwen had hij nooit anders geweten. Na dat vonnis lachten de mannen opnieuw zoals alleen mannen kunnen lachen, maar dit keer op een compleet andere toon dan wanneer het over hun alleenheerschappij over auto's gaat. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Woensdag 1 July 2009

Mijn restaurant

Of de twee een ganse namiddag bij mij kunnen blijven? Dat kan. Ik haal een doos speelgoed uit de kelder. Ik zoek gezelschapsspelen bijeen. Ik pomp de bal op. Ik slijp de kleurpotloden. Ik ben er klaar voor. Ze kieperen het speelgoed uit op het tapijt en rommelen met de antieken autootjes en poppen. Ze stellen het schaak- en het dambord op, schudden de speelkaarten. Ze kleuren in een tekenboek. Ze willen niet naar buiten met de bal. Enigszins verveeld komen ze naar de keuken. Daar staat, op een centrale werktafel, een pastamachientje. Ze vragen waar die machine voor dient. Ze hebben nog nooit zo'n molentje gezien. Ze zijn geboeid door de hendel die aan de machine vastzit. Ze draaien eraan. Ze kunnen niet geloven dat je met zulks spaghetti kunt maken, en lasagne, en tagliatelle. Ik installeer de machine op een laag tafeltje. Ik geef hun een blad papier. Ze laten het vel in de machine glijden. Ze draaien aan de hendel. Hun vreugde en verwondering kan niet op als ze zien dat het apparaat aan de andere kant papieren spaghetti uitspuugt. Ze nemen nog een blad. En nog een. En nog een. En... Ze maken ganse bergen spaghetti en tagliatelle. Ze bereiden ravioli van papier, en gevuld met hompjes ander papier. Ze vervaardigen een eigen verpakking voor hun deegwaren. Ze vinden een merknaam en een logo uit. Ze schrijven op elk pakje pasta het benodigde aantal kookminuten. In tegenstelling tot alle officiële pastamakers schrijven ze de kooktijd heel groot en heel duidelijk, en consequent, altijd in dezelfde bovenhoek. Ze geven hun huisbereide merk een prijs mee. Ze spelen winkeltje. En restaurantje. Als mama hen vier uur later komt halen, willen ze niet naar huis. Als ze uiteindelijk dan toch meegaan, is dat met twee beloftes op zak. Dat mama hun spaghetti zal eten. En ook zo'n supercoole machine koopt. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Maandag 29 Juni

Terraspapier

Het is zeven uur 's avonds, ik zit op een stadsterras en kijk naar de flanerende voorbijgangers. Flaneren is een levenskunst. Niet iedereen beheerst ze. En als je ze beoefent, doe je dat alleen als je wilt dat mensen naar jou kijken. Dat wil je niet altijd. Ze waren met vier. Vader en moeder en twee kleine kinderen. De kinderen huppelden achter hun ouders aan. Bij elke stap die hun ouders zetten, moesten zij er drie maken. Vader liep achter moeder en droeg in elke hand een gevulde plastic boodschappentas. Moeder liep minstens drie meter voorop. Ze stapte stevig door; de tred van een vrouw die zich rept om haar kroost te eten te geven. Ook zij droeg in elke hand een uitpuilende boodschappentas. Onder haar linkerarm hield ze nog een groot wit pak geklemd. Dat pak bestond uit vierentwintig rollen. Toiletpapier. Moeder leek vooral te willen voortmaken. Ze had nergens oog voor. Ook niet voor zichzelf. Toen, op het moment dat ze zich pal voor het terras bevond, sloeg de bliksem in. Zij had vierentwintig rollen aardsheid vast; die spreken niet bepaald tot de verbeelding. Op het terras zaten de mensen met een prikkelend glas in hun hand; dat stimuleert meer dan alleen de fantasie. Van de ene seconde op de andere werd ze zich bewust van de twee werelden. Ze schrok op van het onwelriekende verschil daartussen. Ze keerde zich om, en wilde de vellen voor de spijsvertering aan haar man overhevelen. Haar man, de tassen in beide handen, haalde zijn schouders op, en wees met zijn kin naar hun zoontje. Omdat hij haar, voor het oog van dit drukke terras, weigerde te redden, dwong hij haar zichzelf te redden. Dubbele pijn. Minimaal. Ze duwde de rollen in de kleine handjes van haar zoon. Het jongetje was blij met zijn taak. Maar uit het hele wezen van de moeder viel af te lezen dat het gezin een gezellig avondmaal voor bekeken mocht houden. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Vrijdag 26 juni 2009

Vakantie

Het was zo'n ochtend waarop de wereld naar verse lakens rook, en zelfs de velden die zich links en rechts van de snelweg uitstrekten, er gestreken en gesteven bij lagen. Er hing nog geen zware geur over het land, en de zon had nog uren te gaan voor ze alle poriën van de aarde zou hebben beduimeld. Zes uur 's morgens, en het ontwakende leven mooi in de plooi. We reden, met de ramen open en de elleboog half buiten, van noord naar zuid. Er schalde geen muziek door de luidsprekers. De wind waaide door onze haren en kroop in onze oren en hoofden. We scheerden langs het laatste stukje van de nacht, over de drempel naar de dag. Slechts drie vrachtwagens bevolkten de eerste rijstrook. Ze gleden keurig achter elkaar; kop in kont, en dat met een snelheid van pakweg honderd per uur. Nu en dan passeerde een wagen. Meer leven was er op deze snelweg nog niet. Naast het fluisterasfalt groeiden zelfs geen flitspalen. Er zaten geen politieagenten in de middenberm verstopt. Kortom: voldoende redenen om het gaspedaal diep in te drukken. Ook de motorfiets die achter ons opdoemde, gaf flink gas. Hij haalde ons in. Het was een rode, sportieve motorfiets, met een bestuurder die in zwart leer was gehuld. Zowel de motor als de bestuurder oogden slank en hoog. De motorrijder reed vlak voor ons. Hij wierp - het was duidelijk een man - drie keer na elkaar een snelle blik over zijn schouder. Het was onduidelijk waar hij zich van wilde vergewissen. Maar dat er iets zat aan te komen, kon je uit zijn schichtige bewegingen opmaken. Hij zette zich schrap. Hij boog voorover. Hij trok zijn machine onder hem vandaan. Hij hief het voorste wiel in de lucht. Zo, minutenlang freewheelend, gleed hij de dag en de vakantie in. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Woensdag 24 Juni 2009

50 Cent

Eerst zit ze twee banken schuin van mij vandaan; maar als er drie luidruchtig giebelende meisjes in haar hoek neerploffen, rolt ze met haar blauwe ogen - de jeugd van vandaag is toch niet meer die van vroeger. Na haar veelzeggende blik staat ze op en komt op de lege bank tegenover mij zitten. Ik voel haar irritatie. Ik voel ook dat ze steun zoekt. Gelukkig ben ik aan het lezen: literatuur kan op meerdere vlakken een redding zijn. Ze loopt tegen de zestig. Ze draagt een handtas van Delvaux, een klassiek model. Dat is niet moeilijk, bij Delvaux is alles klassiek. Ook de rest van haar garderobe kleurt perfect binnen de lijntjes: traditionele kwaliteit, met verfijning afgewerkt. Ik heb geen flauw idee in welk merk ze is gehuld; maar het zal wel een Frans zijn. Haar voeten steken in mocassins, een van haar enkels is gezwollen, ze kneedt voortdurend in het opgezette vlees. Ze draagt juwelen, aan vingers, polsen en hals. Haar huid is gebruind; het rustige bruin dat kenmerkend is voor mensen met buitenverblijven in het zuiden. Het verbaast me dat ze niet in eerste klasse reist. De vrouw en ik stappen in hetzelfde station uit. Ze loopt traag voor me uit, en wandelt van het perron naar de toiletten. Bij de ingang van de toiletten valt geen wc-dame te bespeuren. Er staat alleen een tafel waarop een porseleinen bordje prijkt. Boven het schoteltje hangt een handgeschreven bericht: 50 cent aub. Ze diept een muntje uit haar Delvauxtas. Ze legt 50 cent op het bordje. Ze gaat naar het toilet. Ze komt terug van het toilet. Ter hoogte van het tafeltje strijkt ze haar rok met haar vlakke hand glad. Ze kijkt om zich heen. Ze plukt haar vijftig cent weer van het bordje. Door de grote stationsdeur stapt ze de stad in. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

Maandag 22 Juni 2009

Tour de France

De zon strooit confetti door het groene bladerdek van de bomen. Op een kalend grasveldje spelen zes jongens voetbal. Ze staan in een kring en schieten de bal systeemloos naar elkaar. Er zit niet veel beweging in hun spel, maar ze houden niet op met lachen. Zo onder het groen van de bomen en in de nog frisse zon ruiken hun geluiden naar de prille zomer. Hij verschijnt links van de voetballers. Het jongetje dat hooguit tot aan mijn knieën reikt, en dat een blauw fietsje met glimmende spatborden aan zijn zijde houdt. Op een van de spatborden plakt een foto van Batman, en een waarop 'ik hou van Humo' staat, maar die laatste liefde kan nooit van hem komen. Zijn fietsje heeft vier wielen. Toch geeft het, op het oneffen grasveld, geen erg baanvaste indruk. Van baanvastheid heeft dit kereltje nog nooit gehoord. Die krachten van de fysica moet hij nog ontdekken. Hij draagt een korte broek. De korsten op zijn knieën verklappen dat hij met instabiliteit alvast heel grondig heeft kennisgemaakt. Het jongetje heeft alleen oog voor zijn fiets en voor de eerste etappe die hij bloedserieus gaat afleggen. Hij stapt op zijn vierwieler. Hij glijdt op het zadel. Hij bijt op zijn tong die uit de linkerhoek van zijn mond steekt, en hij begint te trappen. Het hobbelige terrein zorgt voor complicaties. Hij moet veel kracht op zijn pedalen zetten. Hij steekt een tandje bij. Hij komt vooruit. Eenmaal gedemarreerd zet hij de beuk erin. Hij draagt een gelig T-shirt. In het geel fietst hij dwars door de kring voetballers heen. Hij blijft verder koersen. In de rechte lijn. Zijn fietsje wankelt. Maar hij valt niet. Hij gaat door. En hij kijkt, net niet hijgend, achterom over zijn schouder. Hij heeft een vertrouwde stem herkend. Daar komt zijn hoogstpersoonlijke soigneuse aan. In haar hand houdt ze een chocolade-ijsje. Cocaïne voor beginners. Margot Vanderstraeten

Meer...

Vrijdag 19 juni 2009

Homohuwelijk

Er is veel volk. Tweehonderd gasten volgens bruidegom en bruidegom. Veel familie. En nog meer vrienden. De vrienden vallen makkelijk van de familieleden te onderscheiden: iedereen ziet er op zijn zondagsbest uit, maar op dit huwelijksfeest zijn vooral de voltallig aanwezige mannen om door een ringetje te halen. Ze hebben zich in hun strakke, glimmende modevrienden gehuld. Armani. Margiela. Dries Van Noten. D&G. Gucci. Wie nog meer. Men drinkt, smult en praat. Mensen die elkaar gedurende jaren niet meer hebben gezien of gesproken, vinden weer aansluiting. Dat hebben huwelijken en begrafenissen vast met elkaar gemeen. Nieuwsgierige blikken worden gewisseld. Af en toe stoot de ene de andere aan en wijst met de ogen en de kin. Er heerst feestvreugde. Een combinatie van trots, uitgelatenheid en blijdschap. Van zin in ontspanning ook. Iedereen, jong en oud, homo en hetero, feliciteert het koppel en wenst hen een gelukkig leven. Cadeaus en gelukwensen volgen elkaar op. Tegen dat de laatste gasten aankomen, lopen de eerste vrouwen en mannen al naar het toilet om zich op te frissen en bij te werken. Niet het pas getrouwde stel; dat schudt onvermoeibaar handen. Het kust hier en daar en overal. Er worden vele knuffels uitgedeeld, logisch, een van de bruidegoms is afkomstig van het land van the hugs. Hetzelfde land als dat waarin de meeste staten het homohuwelijk nog steeds strikt verbieden. Mede daarom zijn de bruidegoms zo blij en stralen ze feller dan hun pak. Vrijheid van liefde maakt gelukkig. Het prille duo houdt van op het podium een verwelkomingspeech. Alle gasten luisteren met de glimlach, en als de bruidegoms elkaar, ter afsluiting van de speech, innig op de mond zoenen, worden er gezwind tweehonderd champagneglazen geheven. Op dat moment, achter mij, een mannenstem: 'Ik ben blij voor deze jongens. Maar ik ben nog blijer dat daar niet een van mijn zonen staat.' Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

woensdag 17 juni 2009

Nieuwe maatjes

Moeder heeft nieuwe maatjes gekocht. Dat doet ze elk jaar in juni. Een paar keer na elkaar. Zodra het eerste vat haringen aan wal is, schuift ze aan bij de visboer. Ze bestelt niet voor het hele kroost, maar alleen voor zichzelf. Twee maatjes graag, zonder ui, want die scherpe ui komt altijd weer naar boven, en dat is zonde, nietwaar. De nieuwe maatjes zijn haar kleine zonde. Ze zijn het genot dat moeder aan zichzelf voorbehoudt en met niemand wil delen. Moeder treft het met haar kleine zonde. Maatjes zijn dan wel vette haringen, het zijn ook bommen vol Omega 3 en dat toverwoord doet het wonderwel bij vrouwen die er zo lang mogelijk zo goed mogelijk willen uitzien. Van kwik en andere giftige stoffen waaraan dezelfde nieuwe maatjes ook rijk kunnen zijn, wil moeder niet horen. Het is middag en ze zit in haar eentje aan tafel. In haar geheven hand bungelt haar eerste, nieuwe maatje. Haar mond hengelt ernaar. Ze werkt het visje in enkele happen naar binnen en legt de overblijvende staart op de rand van het bord. Maatje nummer twee wacht hetzelfde lot. Daarna staat moeder op en schenkt zichzelf een glas wodka in. Nieuwe maatjes zijn pas top als je ze met sterke drank wegspoelt. Nu pakt ze een krant van de dag voordien en scheurt er een willekeurig stuk uit. Het halve artikel dat ze in haar hand houdt, beslaat een onderwerp dat plots haar interesse wekt. Het gaat over de vorming van de Vlaamse regering, en over de nieuwe maatjes die uit die politieke onderhandelingen voortspruiten. In dit stuk geen Omega 3. Maar wel talrijke andere stoffen die hun heilzaamheid nog moeten bewijzen. Moeder wikkelt de staarten stevig in het oude krantenpapier. Moeder wil de politici een goede raad geven: nieuwe maatjes, hoe vers en aantrekkelijk ook, kunnen flink gaan stinken. Zelfs als je ze met sterke drank wegspoelt. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

maandag 15 juni 2009

Papadag

In die weekends die zijn kinderen bij hem doorbrengen, probeert papa zo veel mogelijk samen met hen te doen. Hij doet dat vooral omdat hij niet goed weet hoe hij, samen met hen, niets moet doen. Nu neemt hij hen mee voor een sportieve uitstap in de Hoge Venen. Hij heeft er zin in. Moet er zin in hebben. Om zowel de tred als de moed aan te zwengelen, klapt hij in de handen: hup, kinderen, hup. Zijn dochtertje is de jongste van de drie, en draagt een rugzak waarin ze zelf bijna past. Ze huppelt opgewonden naast haar papa. Het tempo waarmee ze met haar armen zwaait, ligt hoger dan dat van de stappen die ze zet. Haar stunteligheid is aandoenlijk. Op een dag zal ze inzicht krijgen in de coördinatie van spieren en ledematen. Die dag zal er helaas ook een bundel onschuld verloren gaan. Papa heeft twee zonen. De oudste vecht met zijn hormonen. En ook een beetje met zijn vader. Een rugzak draagt hij niet, maar aan zijn houding te zien, sleept hij het gewicht van zijn leeftijd mee. In zijn linkerhand houdt hij een tak die als wandelstok dient. Toch blijft alles aan hem er overbelast uit zien. De jongste zoon is wat groter dan zijn zusje, en een kop kleiner dan zijn broer. Hij wandelt niet. Hij holt vooruit. En rent dan weer terug. Hij lijkt niet moe te worden. Niet van het rennen, en niet van zichzelf. Ook aan die levensfase komt ooit een eind. De jongste zoon en zijn zusje roepen voortdurend, papa, papa. Als ze over een boomstronk klauteren. Over een beekje springen. Een dier ontdekken. De oudste zoon loopt mee. Behalve zijn benen verroert hij niets. Of toch. Als ze even later met zijn allen door een rivier waden. Als zijn vader op een glibberige steen uitglijdt en languit in het water ligt. Dan schiet de oudste schaterlachend in actie. Hij diept zijn gsm uit zijn broekzak. En schiet het ene plaatje na het andere. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

vrijdag 12 juni 2009

Crisis

Hij werkt in een interimkantoor. Hij is de assistent van de kantoordirectrice. Interimkantoren hebben veel directrices. Dat komt omdat directrices goed met werkzoekende mensen van allerlei slag kunnen omgaan. Men zegt dat vrouwen dat beter kunnen dan mannen. Ik hoorde de twee zeggen dat het de laatste maanden een stuk minder gaat, en dat het de komende maanden nog slechter zou gaan, dat zeiden ze ook, en toen pepten ze elkaar op door te besluiten dat in deze wereld niets onmogelijk is, want dat het een kwestie van aanpakken is. Toen ik hun gedeelde ijver hoorde, was ik van mening dat ze een goed stel vormden, en misschien, hoogstwaarschijnlijk, heb ik me afgevraagd of ze een relatie hadden, maar dat herinner ik me niet meer. Toen kwam er een kink in hun kabel. Hij zei dat hij een probleem had. En zij antwoordde dat zijn probleem niet het hunne was. Dit was zijn probleem. Een van hun uitzendkrachten, een man waarop ze altijd hadden kunnen rekenen, was niet komen opdagen op zijn werk. Die afwezigheid - zonder enige vorm van verwittiging - had de assistent vreemd gevonden. En omdat hij uitgerekend die dag toch in de buurt van de woning van de uitzendkracht vertoefde, had hij maar bij de man aangebeld. De uitzendkracht maakte de deur open. Het was ochtend. En het stonk naar drank. Op zijn arm hield de uitzendkracht een pasgeboren baby. Die stonk ook naar drank. De assistent zag blauwe plekken op het roze, krijsende huidje. Dat alles vlak voor de deur weer voor zijn neus werd dichtgeslagen. De assistent vertelde zijn directrice dat ze naar de politie of de sociale dienst moesten gaan. De directrice vond dat ze zich met zulke futiliteiten niet konden bezighouden. Ze beval haar assistent om snel een nieuwe uitzendkracht voor hun klant te zoeken. Ze moesten vooral nu de zaken goed aanpakken, punt uit. Margot Vanderstraeten © 2009 De Persgroep Publishing

Meer...

woensdag 10 juni 2009

Turbulentie

Ik zit aan het raam, met uitzicht op de vleugel. Naast mij zit een reus. De man is zo groot en zo stevig dat zijn vlees, geprangd in de smalle passagiersstoel, er van alle kanten tussenuit lijkt te willen glippen. Uit medeleven met zijn reusachtigheid schuif ik zo dicht mogelijk tegen het raam.Ik open mijn krant. Ik lees. Mijn buurman leest mee. Dat is nooit prettig. Zeker nu niet: voor de goede lectuur van mijn blad helt hij naar mij over. Ik schuif weer naar het midden van mijn stoel. Begrip kent zijn grenzen. Zijn ogen priemen tussen de regels. Ik kan me niet concentreren. Maar ik blijf lezen. Als het vliegtuig naar de startbaan taxiet, heb ik de eerste katern zogoed als uit. Mijn buurman ook. Ik vlieg graag. Toch heb ik me deze keer voor het vertrek een flesje water aangeschaft: ter afkoeling van de eventuele vrees. Het is een vlucht van maar een uur.Bij de take-off begint mijn buurman plots te zingen. Hij leest niet langer mee maar houdt de ogen gesloten en zingt recht voor zich uit: een Frans chanson.Ik kijk hem aan. De buurvrouw aan zijn andere kant kijkt hem ook aan. Hij voelt onze blik. Hij opent zijn ogen en verontschuldigt zich. Hij spreekt Frans. En legt uit dat hij moet zingen, 'chanter', tot het vliegtuig weer aan de grond staat, want dat zingen hem afleidt, en dat hij die afleiding nodig heeft. De reus zegt dat hij vliegangst heeft en dat die angst sinds de AF-447 van vorige week heel sterk is toegenomen.Of ik hem misschien mijn krant kan aanbieden, vraag ik nu, opnieuw meelevend. Want dat ook lezen kan helpen.Hij bedankt me en antwoordt dat hij geen Nederlands kent.Dan zingt hij verder. Ik neem een slok water. Margot Vanderstraeten

Meer...

maandag 08 juni 2009

Turen

De rij voor het stemlokaal vormt een sliert. Ik had nochtans gedacht, ik ga tegen de tijd dat de meeste kiezers al zijn geweest, maar afgaand op de lengte van de sliert, hebben de meesten zo gedacht. Er zit niets anders op dan mijn wachttijd zo aangenaam mogelijk te maken. Ik tuur. Turen is een aangename sport, zeker als je ze ongegeneerd kunt beoefenen. Al turend kom ik tot de conclusie dat ik beter een paraplu had meegenomen. En dat er minstens drie soorten kiezers bestaan: de ongelovige, de twijfelaar, en de zelfzekere. Ongelovige kiezers geloven niet in de politiek en laten dat graag horen. Luidruchtig schieten ze met clichés over de reguliere partijen heen. Ze vormen de beweeglijkste groep. Er gaat ongeduld en nervositeit van hen uit. Ze trappelen. Lijken constant op hun hoede; paraat om aan te vallen. De twijfelaars zijn van een subtielere soort. Ze schuifelen traag en onwennig. Rusten eerst op hun ene voet, dan op hun andere. Eerst op links, dan op rechts. De manier waarop ze wachten geeft aan dat er ruimte is voor improvisatie. De twijfelaars balanceren tussen verveling en verantwoordelijkheid, tussen nut en nutteloosheid ook. Na het vervullen van de stemplicht gaan ze zeker lekker eten. De zelfzekere burgers staren ernstig naar de tegels onder hun voeten. Ernstiger dan tijdens de voorgaande verkiezingen, lijkt me. Ze kijken niet naar de personen die voor of achter hen staan. Praten doen ze niet. Er is al te veel gepraat. Deze categorie wacht verzonken in haar plichtsbewustzijn en is steevast van plan om, als vanouds, met het stempotlood de fundamenten van het politieke landschap te versterken. Ik tuur naar deze groep. Ik tuur zo lang dat ik begin te twijfelen. Zou het kunnen? Zou het kunnen dat ze dit keer niet meer zo zeker en zelfzeker zijn? En dat ze daarom niet voluit naar de wereld durven kijken? Margot Vanderstraeten

Meer...

vrijdag 05 juni 2009

Gezond

Ik trek de gordijnen open. Voor me ligt een park. En ik meen dat ik het niet goed zie, maar ik zie het wel goed: om halfzeven 's ochtends joggen er al mensen, en er is er eentje die zich, onder een boom, aan het opdrukken is. Hij doet alsof dit de gewoonste zaak ter wereld betreft, en alsof halfzeven een decent uur is om je aan dit soort dwangmatig gedrag over te geven. Het is waar. De zon schijnt al. De lucht is blauw. Kortom: het ziet er allemaal veelbelovend uit. Maar zo voel ik me niet. Niet meer. Ik sta nooit zo vroeg op. Ik moet dit keer. Als dingen en dagen met moeten beginnen, lopen ze zelden goed af. Mijn humeur struikelt meteen over drie dingen. Ten eerste. De zogenaamde gezonde buitenlucht die me opgedrongen wordt. Ondanks de zon, de ozon en het fijn stof. Buiten discrimineert het muf ruikende, maar heerlijke binnen. Op basis van vermeende, positieve eigenschappen. Voorts word ik opstandig van het superioriteitsgevoel dat van dit vroege uur afstraalt. Wie de dag begint nog voor de dag goed en wel zelf begonnen is, is een held. Een gezonde held. Vroeg is in deze wereld altijd gezond. Laat smaakt naar ongezond. Heel laat neigt naar decadentie. Dat is niet eerlijk. Dit is mijn derde steen des aanstoots: dat gezwoeg dat ongevraagd mijn kamer binnendringt. Deze joggers die uitschreeuwen dat het lichaam een tempel is die offers vergt. Ik kan het vanuit mijn hol niet zien, maar ik kan het me veel te goed voorstellen. Het zweet op hun voorhoofd. De druppels die langs hun voldane rug lopen. De vreugde van de ontspanning na de inspanning. Ik sluit de gordijnen weer. Ik drink mijn koffie. Ik lees mijn krant. En ik blijf de hele dag met een schuldgevoel binnen zitten. Margot Vanderstraeten

Meer...

Inhoud syndiceren