Maandag 7 juni 2010
De levensgevaarlijke operatie is goed verlopen. Maar hij had het nog gezegd. En ze moesten hem, kenner van de menselijke anatomie, vooral niets wijs maken. De tumor was met cruciale gebieden van zijn hersenen verstrengeld. En hij wist zeer goed dat de hersenen de mens zijn. En dat de mens die hij was, definitief beschadigd zou worden.
Dat er een andere versie van zijn persoon zou ontstaan.
Hij had gelijk.
Vandaag werken onder meer zijn hormonen niet meer zoals het hoort.
Hij wordt bijvoorbeeld niet meer bang als dat zou moeten, en de reflex om zich in bepaalde situaties uit de voeten te maken, is hij helemaal kwijt.
Dat zorgt al eens voor problemen.
Zeker nu hij ook de sociale regels en omgangsetiquette niet meer aanvoelt.
Niet dat hij dit gebrek zelf erg hinderlijk vindt.
Het is vooral de buitenwereld die zich met zijn nieuwe versie geen blijf weet.
Aan de tafel in het restaurant haalt hij een scheerspiegel uit zijn binnenzak. Midden het voorgerecht begint hij met een pincet de haren uit zijn baard te plukken. En tijdens het hoofdgerecht staat hij op, en loopt hij naar de muziekinstallatie achter de toog. Hij is dol op 'Angie' van de Stones, dus mag dat nummer gerust wat luider door de boxen klinken. Hij danst en wiegt. Hij lacht naar alle tafelgenoten.
Alle tafelgenoten lachen niet naar hem. En zij die lachen - zoals ik - doen dat met pijn en gĂȘne. De confrontatie met deze nieuwe versie van dezelfde man is ongemakkelijk.
Waarom?
Misschien hebben wij in de spiegel van ons leven allemaal bewust enkele dode hoeken ingebouwd.
Misschien willen wij, uit veiligheid en overlevingsdrang, niet aan sommige ongevallen, operaties en ziektes denken.
Misschien verstelt deze nieuwe versie van dezelfde man onze vertrouwde spiegels.
