Dus raadpleeg je de onlinesupport. Je neemt de saaie website door. Je
probeert tijdens de lectuur bij de les te blijven, maar toch denk je:
waarom moet ik, om een beeldbuis aan de praat te krijgen, een lange,
technologische anthologie doorworstelen. De lectuur helpt je overigens
geen stap verder.

Dus bel je toch maar naar die centrale hulplijn. Daar verzoekt, na
het vertrouwde wachten en doorschakelen, een vriendelijke stem je om
achter de televisie plaats te nemen, alle kabels uit te trekken en
opnieuw in te pluggen. De ruimte achter de televisie is op deze
lichaamsbeweging niet voorzien. Gelukkig zegt de stem dat hij in goede
en kwade momenten bij je blijft. Ook stelt hij dat je de telefoon gerust
mag neerleggen. Je hoeft die hoorn heus niet de hele tijd krampachtig
tussen je schouder en je oor geklemd te houden: ‘ik ga niet weg’.

Boos en verbaasd om je gehoorzaamheid aan een onbekende kruip je in
de krochten achter het toestel. Je hoest van het stof dat zich achter
het beeldscherm heeft opgestapeld. Je ziet geen steek het donkere hol is
al evenmin voor voyeurs gemaakt. Je gaat op de tast de contacten af. Je
draait en keert: je kont, het toestel, de telefoon. Je zweet. Je
vloekt. Je haalt halsbrekende toeren uit. Maar je gaat door. Nog een
half uur lang.

Dan denkt ook de stem hardop dat het niet in orde zal komen. Je
zucht. Hij ook. De stem raadt jou aan om bij de dichtstbijzijnde
digiwinkel een vervangingstoestel te halen. En vervolgt dat je voor de
installatie daarvan de onlinesupport kunt raadplegen. Of naar het
callcenter kunt bellen. Op eigen kosten, dat spreekt.